Terug
RapportnummerRA-2016-002
TitelVoorrangsgedrag en veiligheid op fietsoversteekplaatsen op bypasses
OndertitelDe invloed van de voorrangsregeling
AuteursWouter Van Haperen
Stijn Daniels
Tim De Ceunynck
UitgaveSteunpunt Verkeersveiligheid 2012-2015
Aantal pagina's34
Datum05/09/2016
ISBN
Taal van het documentNederlands
Partner(s)Universiteit Hasselt
WerkpakketWP4: Ontwikkeling van verkeersveiligheidsmaatregelen
Samenvatting
Bypasses bij verkeerslichtengeregelde kruispunten zijn een ingreep om de verkeersdoorstroming te verbeteren, aangezien rechts afslaand verkeer de verkeerslichten kan vermijden en enkel volledig dient te stoppen wanneer dit noodzakelijk is. Vaak zijn hierop oversteekvoorzieningen voor voetgangers en (brom)fietsers voorzien. De internationale literatuur toont aan dat bypasses de algehele veiligheid verhogen, maar suggereert dat er met betrekking tot kwetsbare weggebruikers verhoogde veiligheidsrisico’s bestaan: bestuurders van motorvoertuigen focussen voornamelijk op andere motorvoertuigen en letten minder op de eventuele aanwezigheid van (brom)fietsers en voetgangers. In Vlaanderen bestaan er geen harde richtlijnen voor het ontwerp van bypasses en de bijbehorende fietsoversteekplaatsen, wat geresulteerd heeft in een verscheidenheid aan toepassingen. De meest voorkomende vorm van bypass-ontwerp heeft een fietsoversteek voorziening centraal op de bypass, waarop fietsers in beide richtingen kunnen oversteken. Met betrekking tot de voorrangsregeling is er echter geen uniformiteit, wat kan leiden tot onduidelijke en verwarrende situaties. Daarom wordt in dit onderzoek getracht een beter inzicht te verkrijgen in de manier waarop het interactieproces tussen (brom)fietsers en bestuurders van motorvoertuigen op bypasses verloopt. Bijkomend wordt er een verkeersveiligheidsanalyse uitgevoerd, waarbij de invloed van de voorrangsregeling op de veiligheid van de fietsers wordt getoetst. Ook werd gekeken naar de invloed van de aanwezigheid van een zebrapad op de veiligheid van fietsers, maar geen significante effect kon gevonden worden. Vier locaties in de provincies Antwerpen en Limburg werden geselecteerd voor een week continue video observatie. Op twee locaties waren de fietsers in de voorrang, op de andere twee de bestuurders van motorvoertuigen. In totaal werden 1366 interacties geanalyseerd. 
 
Vier types van voorrangsgedrag werden gedefinieerd, gebaseerd op welke weggebruiker eerst ging en wie het initiatief nam. De videodata laten zien dat er tussen de twee voorrangsregelingen (ofwel (brom)fietsers ofwel bestuurders van motorvoertuigen mogen eerst) geen aanzienlijke verschillen bestaan. Voor beide regelingen is te zien dat het de (brom)fietser is die in meer dan 70% van de gevallen als eerste oversteekt en dat dit meestal op een defensieve manier gebeurt. Aangezien de oversteekrichting van links naar rechts (vanuit het oogpunt van de bestuurder van het motorvoertuig) het meest voorkomend was, werd de analyse verder opgesplitst in oversteekrichting. Hierbij werd opgemerkt dat op één van de locaties de meerderheid (68%) van de fietsers die van rechts naar links overstak, bij de oversteekvoorziening arriveerde in een niet toegelaten richting. Dit verklaart mogelijk dat op deze locatie voor deze oversteekrichting (brom)fietsers minder vaak als eerste overstaken en zij hogere percentages defensief gedrag vertoonden. Een binaire logistische regressieanalyse werd uitgevoerd om te achterhalen welke aspecten de oversteekvolgorde bepalen. Er werd bevonden dat het feit een fietser en niet een bromfietser te zijn en van links (vanuit het oogpunt van de bestuurder van het motorvoertuig) te arriveren de kans vergroot voor de kwetsbare weggebruiker om als eerste over te steken. Indien één van beide weggebruikers vertraagt, verkleint deze weggebruiker zijn/haar kans om als eerste over te steken.  
 
De veiligheidsevaluatie werd gebaseerd op conflictobservatie en gebruikte de minimale waarde van de Time-to-Collision en de waarde van de Time-to-Accident. De correlatie tussen de twee indicatoren was hoog (r2 > 0.83), wat er op duidt dat beide veiligheidsindicatoren in grote mate overeenstemmen. We vonden geen significante invloed van de voorrangsregeling op de veiligheid van (brom)fietsers. De beschrijvende statistiek van beide indicatoren suggereerde wel dat de voorrangsregeling wel van invloed kan zijn wanneer de fietser rechts naar links oversteekt, aangezien voor deze situaties locaties met voorrang voor bestuurders van motorvoertuigen meer potentieel kritieke situaties opleverde. 
 
Gebaseerd op de waarnemingen dat het de fietser is die, ongeacht de voorrangsregeling, in meer dan 80% van de gevallen als eerste oversteekt en dat de veiligheidsevaluatie geen significante invloed van de voorrangsregeling kon aantonen, kan er geen conclusie getrokken over welke voorrangsregeling de voorkeur verdient. Daarnaast is het niet duidelijk of het hoge percentage ‘vrijwillig afstaan’ van de voorrang door bestuurders van motorvoertuigen het gevolg is van een algemeen voorzichtige houding tegenover kwetsbare weggebruikers of van onzekerheid met betrekking tot het voorgeschreven gedrag. Meer uniformiteit in de voorrangsregeling en consistentie in de vormgeving hiervan leidt mogelijk tot meer duidelijkheid en minder onveilige situaties.
DownloadPDF icon RA-2016-002.pdf
Lijn

Missie

Het Steunpunt Verkeersveiligheid voert in opdracht van de Vlaamse overheid beleidsondersteunend wetenschappelijk onderzoek uit over verkeersveiligheid. Het Steunpunt

Verkeersveiligheid is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Hasselt, de KU Leuven en VITO, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek.

Partners

Leuven vito