Terug
RapportnummerRA-MOW-2011-007
TitelKwaliteitsbeheer in lokale mobiliteitsbeleidsvorming: een multi stakeholder-benadering naar uitmuntendheid
OndertitelOntwikkelen van een evaluatie-instrument voor gemeentelijke overheden in Vlaanderen
AuteursHans Tormans
Davy Janssens
Tom Brijs
Geert Wets
UitgaveSteunpunt MOW, spoor Verkeersveiligheid 2007-2011
Aantal pagina's104
Datum01/08/2011
ISBN
Taal van het documentEngels
Partner(s)Universiteit Hasselt
WerkpakketAndere: Beleidsorganisatie en -monitoring
Samenvatting

Verkeersveiligheid vormt vandaag een van de grootste uitdagingen waarmee onze maatschappij geconfronteerd wordt. Gedurende de afgelopen decennia werden op verschillende beleidsniveaus diverse beleidsplannen opgesteld en initiatieven genomen om de menselijke en economische tol van het mobiliteitssysteem in te perken. Deze beleidsplannen hebben zeker hun waarde, maar men mag niet uit het oog verliezen dat een erg belangrijke positie binnen het mobiliteitsbeleid weggelegd is voor de beleidsmakers en –uitvoerders onderaan de beleidsketting, op het gemeentelijke niveau. In veel gevallen zijn het deze actoren die ervoor moeten zorgen dat het uitgestippelde mobiliteitsbeleid op het terrein geïmplementeerd wordt, waar nodig aangepast aan de lokale behoeften. In de praktijk blijkt echter dat het niveau van het gemeentelijke of stedelijke mobiliteitsbeleid nog vaak te wensen overlaat. Lokale mobiliteitsbeleidsvoering gebeurt –ondanks de vele en goedbedoelde inspanningen van de betrokkenen- nog al te vaak vanuit een ad hoc benadering.

 

Het innoverende instrument dat binnen dit onderzoek ontwikkeld wordt, heeft tot doel om lokale autoriteiten de mogelijkheid te bieden om op een eenvoudige, zelfstandige en op een objectieve wijze de eigen organisatie en verwezenlijkingen in kaart te brengen en op hun waarde te beoordelen. Barrières met betrekking tot het institutionele kader, aanvaardbaarheid, het financiële, informatiedoorstroming, regulering en afzonderlijke processen staan de ontwikkeling van een hoogwaardig lokaal mobiliteits- en ruimtelijke ordeningbeleid in de weg. Een zwakke beleidsintegratie en –coördinatie, contraproductieve beleidsinstanties, een beperkte sturing in de beleidsruimte, zwakke dataverzameling en verwerking, een beperkt sociaal draagvlak, een gebrek aan politieke slagvaardigheid en strubbelingen bij de beleidsvorming vormen de belangrijkste obstakels. Veel van deze aandachtspunten zijn sterk gerelateerd aan de principes van de intergrale kwaliteitszorg (IKZ; ook wel Total Quality Management, TQM). Deze filosofie wordt als werkkader en als rode draad in acht genomen. Bijzondere aandacht wordt besteed aan het feit dat naast het analyseren van de op het terrein gerealiseerde resultaten, ook de werking van de organisatie (‘achter de schermen’) mee in rekening wordt gebracht.

 

Om deze zelfevaluatie-methodiek te operationaliseren, werd een conceptuele beleidscyclus opgesteld waarin de elementaire werkdomeinen van het lokale mobiliteitsbeleid werden opgenomen. Aan dit model werd vervolgens een instrument gekoppeld dat moet toelaten om voor elk van de elementaire werkdomeinen na te gaan in hoeverre de organisatie hierop voldoende goed inzet en presteert. Hiertoe wordt een ontwikkelingsladder beschouwd waarop de administratie kan worden gepositioneerd. Deze manier van werken laat op eenvoudige wijze horizontale (geografische) en verticale (temporele) vergelijkingen toe.

 

De voornaamste doelstellingen van dit instrument zijn om een goed beeld te verkrijgen van de stand van zaken in het hedendaagse gemeentelijke en stedelijke mobiliteitsbeleid in Vlaanderen, om de toepassingsmogelijkheden van IKZ in de verf te zetten, om lokale beleidsmakers toe te laten om hun werk vanuit een breder, integraler perspectief te zien, om de samenwerking tussen verschillende belanghebbenden inzake gemeentelijke mobiliteit te versterken en om de betrokkenen van voldoende ondersteuning en begeleiding te voorzien. De toepassing van dit instrument kan leiden tot nieuwe inzichten met betrekking tot lokaal mobiliteitsmanagement en kan een belangrijke stap betekenen in het creëren van een ruimer draagvlak voor een voortgezette professionalisering van het gemeentelijke mobiliteitsbeleid in Vlaanderen.

 

De voorlopige resultaten uit dit onderzoek geven aan dat het idee ‘meten = weten’ nog geen gemeengoed is in Vlaanderen. De medewerkers van het beleid zijn er zich van bewust dat het objectiveren van het mobiliteitsbeleid een belangrijke stap voorwaarts zou betekenen, maar een gebrek aan middelen en tijd belet hen om er verregaand werk van te maken. Verder blijkt dat voornamelijk zachte verkeersveiligheidsmaatregelen (educatie, sensibilisering) nog te weinig aan bod komen binnen het gemeentelijke mobiliteitsbeleid. Vlaamse steden en gemeenten scoren wel sterk wanneer het gaat over het in kaart brengen van gebruikersbehoeften. Er ontbreekt echter nog een algemeen kader voor structurele dataverzameling en ‒verwerking, wat maakt dat persoonlijke en ad hoc initiatieven hier schering en inslag zijn.

DownloadPDF icon RA-MOW-2011-007.pdf
Lijn

Missie

Het Steunpunt Verkeersveiligheid voert in opdracht van de Vlaamse overheid beleidsondersteunend wetenschappelijk onderzoek uit over verkeersveiligheid. Het Steunpunt

Verkeersveiligheid is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Hasselt, de KU Leuven en VITO, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek.

Partners

Leuven vito