Terug
RapportnummerRA-2006-99
TitelDe visuele waarneming en visuele aandachtsprocessen van verkeersdeelnemers
OndertitelEen overzicht van de beïnvloedende factoren
AuteursJan Vanrie
Bert Willems
UitgaveSteunpunt Verkeersveiligheid 2002-2006
Aantal pagina's38
Datum30/10/2006
ISBN
Taal van het documentNederlands
Partner(s)PHL
WerkpakketAndere: Gedrag
Samenvatting

De informatie die een bestuurder gebruikt, is voor het overgrote deel visueel van aard. Om deze reden is het nuttig na te gaan hoe dit type van informatie precies verwerkt wordt en vooral welke factoren hierop een invloed kunnen uitoefenen. In een (vereenvoudigd) model van de bestuurder, die als informatieverwerkend systeem handelingen stelt (output) op basis van de verkeerssituatie (input) en de eigen toestand, zijn de volgende functionele onderdelen van belang: het sensorisch geheugen, het lange- en kortetermijngeheugen en de aandachtsbronnen. In dit rapport worden twee belangrijke aspecten van dit systeem benadrukt. Een eerste aspect is het constructief karakter van de waarneming: zien is geen passieve registratie, maar een actief opbouwen van informatie die verloren is gegaan door de manier waarop informatie van de buitenwereld het systeem binnenkomt (projectie op het twee-dimensionale netvlies). Meer bepaald wordt in het sensorisch geheugen op basis van de verarmde retinale representatie (RR) door een aantal intermediaire processen een rijkere hogere visuele representatie (HVR) geconstrueerd. Het tweede aspect betreft het feit dat slechts een deel van de binnenkomende informatie ook daadwerkelijk gebruikt wordt. Het kortetermijngeheugen, waar zich de informatie bevindt waar we ons op dat moment van bewust zijn en waar we onze beslissingen op baseren, is namelijk beperkt in capaciteit en enkel de elementen waar aandacht aan geschonken wordt, kunnen in het kortetermijngeheugen terechtkomen. Beide aspecten maken de bestuurder als informatieverwerker kwetsbaar: in de constructie van een hogere visuele representatie kunnen fouten optreden en belangrijke, relevante informatie wordt mogelijk niet geselecteerd. Het huidige rapport geeft een overzicht van factoren die de RR, de intermediaire processen en de HVR, en de selectie- en aandachtsprocessen, kunnen beïnvloeden en er zo voor zorgen dat de bestuurder niet over de optimale informatie beschikt om zijn of haar handelen op te steunen.
 

Een eerste factor zijn visuele en neurologische aandoeningen die de verschillende onderdelen van het systeem kunnen beschadigen. In het belang van de verkeersveiligheid zijn dan ook minimale kwaliteitsnormen nodig inzake het visuele functioneren van bestuurders. Hiermee gerelateerd komt ook de factor leeftijd aan bod, aangezien zowel normale verouderingsprocessen en een verhoging van de prevalentie van bepaalde aandoeningen het visueel functioneren van oudere bestuurders kan ondermijnen. Een derde factor is de rijervaring van de bestuurder. Naast motorische componenten, blijken bij beginnende bestuurders ook op perceptueel vlak een aantal vaardigheden nog niet volledig ontwikkeld. De verwachtingen van de bestuurder vormen een vierde factor. Wat een bestuurder verwacht te zien, en waar hij of zij dit verwacht te zien, blijkt namelijk de uiteindelijke perceptuele interpretatie te kunnen beïnvloeden. Ook de inname van psychoactieve stoffen zoals alcohol, drugs of geneesmiddelen, kan de verschillende functionele onderdelen van het perceptueel systeem aantasten. Dit is ook het geval wanneer de bestuurder zich in een vermoeide of slaperige toestand bevindt. De informatie die bestuurder bereikt is bovendien dynamisch van aard, want afhankelijk van de handelingen van de bestuurder zelf. Op deze manier vormt het rijgedrag een element dat relevant wordt voor de perceptuele processen. Een bestuurder concentreert zich bovendien niet enkel op de rijtaak, maar voert simultaan ook allerlei andere taken uit. In de wagen kunnen zich inderdaad verschillende soorten bronnen van afleiding (distractors) bevinden, die de waarnemings- en aandachtsprocessen kunnen aantasten. Ook de meteorologische omstandigheden en allerlei aspecten van de infrastructuur en de omgeving het visueel functioneren van de bestuurder beïnvloeden. Tenslotte worden enkele punten aangehaald die specifiek van belang zijn wanneer de verkeersdeelnemer in kwestie geen volwassen autobestuurder betreft.

DownloadPDF icon RA-2006-99.pdf
Lijn

Missie

Het Steunpunt Verkeersveiligheid voert in opdracht van de Vlaamse overheid beleidsondersteunend wetenschappelijk onderzoek uit over verkeersveiligheid. Het Steunpunt

Verkeersveiligheid is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Hasselt, de KU Leuven en VITO, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek.

Partners

Leuven vito