Terug
RapportnummerRA-2007-106
TitelNieuwe Veiligheidstechnologie en Impact op Technische Keuring
OndertitelEvaluatie van Efficiëntie van Huidige Testen op Keuring voor Nieuwe Technologieën
AuteursStefan Smets
Tobias Denys
UitgaveSteunpunt Verkeersveiligheid 2002-2006
Aantal pagina's45
Datum11/01/2007
ISBN
Taal van het documentNederlands
Partner(s)Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek
WerkpakketAndere: Voertuigtechniek
Samenvatting

De Belgische overheid stelt eisen aan motorvoertuigen in het belang van de verkeersveiligheid. Daarbij heeft zij zich te houden aan de regelgeving van de Europese Unie op dit gebied. Binnen de voertuigeisen wordt er een onderscheid gemaakt tussen toelatingseisen, permanente eisen en gebruikseisen. Behalve op veiligheid hebben deze eisen ook betrekking op geluid, emissie, massa, afmetingen en kentekenplaten. De meeste eisen zijn van toepassing op alle onderscheiden typen motorvoertuigen (personenauto’s, gemotoriseerde tweewielers, bussen, bestelauto’s en vrachtauto’s), zij het dat de eisen per voertuigsoort kunnen verschillen.
 

Op Europees niveau wordt aan de hand van voorgeschreven testen gekeken of het voertuig aan de eisen in de afzonderlijke EU-richtlijnen voldoet. Na deze typekeuring wordt het voertuig toegelaten op de weg. Vervolgens wordt de technische staat van kentekenplichtige motorvoertuigen periodiek vastgesteld in de technische keuring op nationaal niveau. Deze keuring verschilt voor de diverse typen voertuigen, wat betreft de termijn waarop voor het eerst wordt gekeurd, de keuringsfrequentie en de inhoud van de keuring. Naast de periodieke keuringen bestaan er eveneens niet-periodieke keuringen die plaatsvinden onder welbepaalde omstandigheden. Deze keuringen worden uitgevoerd door erkende instellingen.
 

De laatste jaren zijn er vele “nieuwe” primaire en secundaire veiligheidstechnologieën op de markt gebracht en deze ontwikkeling zet zich gestaag verder. Primaire veiligheidstechnologieën betreffen de systemen voor het voorkomen van ongevallen; secundaire veiligheidstechnologieën omvatten de voorzieningen die de afloop van een ongeval minder ernstig maken.
 

Noch in de wettelijke eisen, noch in EuroNCAP (een botstestprogramma georganiseerd door vele consumentenorganisaties, Europese overheden en testinstanties; gesubsidieerd door de EU) zijn vooralsnog eisen opgenomen die rekening houden met de staat van deze “nieuwe” veiligheidstechnologieën zoals een antiblokkeersysteem (ABS), diverse soorten airbags, een electronic braking system (EBS), electronic stability control (ESC) of andere. Dergelijke technisch zeer hoogwaardige voorzieningen worden weliswaar vrijwillig toegepast, maar zijn wel relevant voor de veiligheid. Bovendien is de technische keuring slechts een momentopname en een aantal veiligheidsrelevante eigenschappen van auto’s zouden beter continu beoordeeld worden, bijvoorbeeld de staat van de verlichting, het bandenprofiel, de bandenspanning en eventuele remslijtage.
 

Momenteel worden deze “nieuwe” veiligheidstechnologieën voornamelijk ontwikkeld door de autoconstructeurs zelf. Dit heeft tot gevolg dat deze systemen zeer voertuigspecifiek zijn. Door de toename van het belang van elektronica in de veiligheidssystemen kunnen deze gecontroleerd worden door een zelfdiagnose systeem cf. het on-board diagnosis (OBD) systeem. Tengevolge van het feit dat er richtlijnen zijn opgesteld omtrent OBD systemen met betrekking tot standaardisatie van de universele systeem foutcodes, is het mogelijk om met een welbepaald toestel zo goed als alle veiligheidssystemen van alle modellen van alle merken elektronisch te controleren. Echter, deze controle beperkt zich tot het opmerken van een foutcode, zonder dat er kennis is van de omvang en impact van het defect. Bijgevolg, tenzij er een Europese/internationale wetgeving komt die verdergaande standaardisatie brengt in de multiplexering en OBD systemen, zal universele diagnoseapparatuur slechts in beperktere mate bruikbaar zijn. Dit heeft tot gevolg dat, indien een keuring van de “nieuwe” veiligheidstechnologieën verplicht wordt, deze controle enkel volledig uitgevoerd kan worden door de onderhoudsinstellingen, i.e. reguliere garagebedrijven, van het merk zelf.
 

In het geval van een duidelijke wetgeving met betrekking tot standaardisatie van multiplexering en OBD systemen, kan universele diagnoseapparatuur gebruikt worden voor de controle van – de meeste – “nieuwe” veiligheidstechnologieën. Hierdoor kan deze keuring uitgevoerd worden door zowel de reguliere garagebedrijven als de officieel erkende keuringscentra. Door de keuring te laten uitvoeren door officieel erkende centra behoudt de overheid een zekere controle over het gebeuren. Bovendien zijn deze centra onafhankelijk en dus eveneens onpartijdig. Indien de keuring wordt uitgevoerd door reguliere garagebedrijven is de meest geschikte diagnoseapparatuur uiteraard voorhanden. Bijkomend voordeel voor de voertuigeigenaars is dat eventuele defecten onmiddellijk kunnen worden aangepakt. De nadelen die hieraan verbonden zijn, liggen echter eveneens voor de hand. De overheid heeft een beperktere controle over de kwaliteit van het proces en deze garagebedrijven zijn niet meer onafhankelijk/onpartijdig door hun betrokkenheid in eventuele gevolgen van de technische keuring.
 

Echter, het is belangrijk rekening te houden met het feit dat de Belgische overheid zich te houden heeft aan de regelgeving van de Europese Unie m.b.t. eisen aan motorvoertuigen. Bovendien zijn deze Europese richtlijnen eerder compromissen tussen vele partijen en zijn ze er niet enkel op gericht om de verkeersveiligheid te verbeteren, maar eveneens om handelsbarrières weg te nemen. Echter, de lidstaten kunnen zelf de maatregelen opstellen die zij nodig achten voor het leveren van het bewijs dat het voertuig met goed gevolg een technische controle heeft ondergaan die minstens voldoet aan de bepalingen van de betreffende richtlijn.

DownloadPDF icon RA-2007-106.pdf
Lijn

Missie

Het Steunpunt Verkeersveiligheid voert in opdracht van de Vlaamse overheid beleidsondersteunend wetenschappelijk onderzoek uit over verkeersveiligheid. Het Steunpunt

Verkeersveiligheid is een samenwerkingsverband tussen de Universiteit Hasselt, de KU Leuven en VITO, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek.

Partners

Leuven vito